NB: Dit hoofdstuk wordt momenteel bewerkt. Paragrafen 1.1 t/m 1.4.6 zijn in 2025 en 2026 vernieuwd, hoofdstukken 1.5 en 1.6 zijn nog de oude versies uit 2015.
Per hoofdstuk staat aangegeven of het een nieuw of een oud deel betreft.
Versie oktober 2025
Een bekisting, opgebouwd uit verschillende onderdelen en eventueel ondersteund door een ondersteuningsconstructie, is nodig om een betonconstructie in de juiste de vorm te storten. Bekistingen bestaan er in uiteenlopende typen en verschijningsvormen. Ze zijn opgebouwd uit verschillende onderdelen en voor elk van die onderdelen kunnen verschillende materialen worden toegepast, zoals hout, staal, aluminium of kunststof. Welke bekisting moet worden toegepast en hoe die moet worden opgebouwd, hangt uiteraard af van welke constructie je ermee wilt realiseren. Het storten van een poer vraagt bijvoorbeeld een heel andere bekisting dan het storten van een wand of vloer. Daarnaast spelen veel andere criteria een rol: vorm, kwaliteit (zowel van de bekisting zelf als van de te realiseren constructie), bouwsnelheid, repetitie, kosten, beheersbaarheid, veiligheid, oppervlakte-eisen.
Hoewel bekistingen een tijdelijk hulpmiddel zijn, moet er veel aandacht worden besteed aan de samenstelling ervan, of dat samenstellen nu in de fabriek of op de bouwplaats gebeurt. In de volgende hoofdstukken wordt ingegaan op de samenstelling van een bekisting, op de keuzecriteria, de randvoorwaarden, de verschillende typen en materialen en op een aantal kenmerkende onderdelen.
Versie: oktober 2025, gewijzigd februari 2026
Een bekisting bestaat uit verschillende onderdelen die met verschillende materialen en op verschillende manieren kunnen worden samengesteld. In dit hoofdstuk worden deze onderdelen globaal toegelicht. In hoofdstuk 1.4 wordt meer in detail ingegaan op de bekistingen voor verschillende bouwdelen.
In figuren 1.2.1, 1.2.2 en 1.2.3 staan schematische voorbeelden van een verticale bekisting (wandbekisting) en een horizontale bekisting (vloerbekisting) met ondersteuningsconstructie, inclusief de verschillende onderdelen. Deze onderdelen worden hieronder nader toegelicht.
1.2.1 Schematische weergave traditionele bekisting, inclusief onderdelen


1.2.3 Schematische weergave horizontale bekisting met ondersteuningsconstructie
Bekistingsconstructie
Met de bekistingsconstructie wordt het geheel bedoeld van de contactbekisting en de constructie waarop die contactbekisting is bevestigd. De constructie bestaat uit staanders, dragers, gordingen, kinderbinten en/of onderslagen (benaming afhankelijk van verticale of horizontale bekisting, zie verderop), die de belasting die de betonspecie op de contactbekisting uitoefent, afdragen aan de ondersteunings- of centerpenconstructie.
Ondersteuningsconstructie
Met de ondersteuningsconstructie wordt de constructie bedoeld die de verticale belasting van een horizontale bekisting afdraagt naar de ondergrond. Meer hierover in hoofdstuk 2 ‘Ondersteuningsconstructies’.
Contactbekisting
Met contactbekisting wordt de beplating bedoeld die in direct contact komt met de betonspecie. De contactbekisting kan bestaan uit verschillende materialen. Meer hierover bij de toelichting op de verschillende typen bekisting in hoofdstuk 1.4.
Voor contactbekisting worden ook wel termen contactbekistingsplaat, bekistingsplaat, huidplaat of betonplex gebruikt. In dit handboek houden we de term contactbekisting aan.
Drager
Een drager is een onderdeel van de bekistingsconstructie waarmee de belasting die de betonspecie uitoefent op de contactbekisting, wordt afgedragen.
In een verticale wandbekisting wordt deze ook wel staander genoemd en in een horizontale bekisting ook wel kinderbint.
De drager kan een houten badding (ca. 59 × 156 mm2), een houten of aluminium systeemdrager of stalen ligger zijn.
Gording
Een gording is een onderdeel van een verticale bekistingsconstructie waarmee de belasting uit de drager / staander wordt afgedragen, meestal aan de centerpenconstructie. Hij is opgebouwd uit een of twee houten baddingen (ca. 59 x 156 mm2), houten of aluminium systeemdragers of stalen liggers.
Kinderbint
De kinderbint is een onderdeel van een horizontale bekistingsconstructie waarmee de belasting vanuit de contactbekisting wordt overgebracht op de onderslag. Hij wordt ook wel drager genoemd.
Het kan een houten badding zijn (ca. 59 × 156 mm2), een houten of aluminium systeemdrager of een stalen ligger. Een kinderbint wordt ook wel kinderbalk of drager genoemd.
Onderslag
De onderslag is een onderdeel van een horizontale bekistingsconstructie waarmee de verticale belasting uit de kinderbinten / dragers wordt afgedragen naar de ondersteuningsconstructie.
Een onderslag kan een houten badding (ca. 59 × 156 mm2), een houten of aluminium systeemdrager of stalen ligger zijn. Er kan worden gekozen om meerdere onderslagen direct naast elkaar toe te passen.
Centerpenconstructie
De centerpenconstructie is de constructie van verbindingsmiddelen die de horizontale belasting uit de betonspecie (bekistingsdruk) afdraagt naar een andere bekistingsconstructie of naar een vast object.
Meer hierover in hoofdstuk 1.6 ‘Centerpenconstructies’.
Bekistingsklem
Een bekistingsklem is een klem die wordt gebruikt om de panelen bij paneelbekistingen onderling met elkaar te verbinden. Deze klem kan ook worden gebruikt om andere onderdelen aan het paneel te klemmen, zoals een houten balk of plank.
Bordes
Een bordes (of stortsteiger) is aanwezig aan de zijkant van de bekisting om toegang te verlenen tot de bekisting. Dit kan zijn voor het werk aan de centerpennen, het betonstorten of voor inspectie van de bekisting. Het bordes is opgebouwd uit consoles, een loopvlak en een leuning. De toegang tot een bordes wordt gerealiseerd met een trapopgang.
Leuning
Een leuning is een veiligheidsafscheiding om horizontale veiligheid te bieden, voor, tijdens en na de betonstort. De leuning is aanwezig op en aan de bekisting/ondersteuning.
Schoor
Een schoor is een voorziening waarmee een verticale bekisting kan worden gesteld. Hij is verankerd aan de ondergrond of een andere constructie. De externe horizontale belastingen op de bekistingen, zoals wind, worden door de schoren afgedragen naar de ondergrond.
Verankering
Met de verankering worden schoren (momentgecontroleerd) gekoppeld aan de ondergrond.
Moerbalk
Bij zwaardere ondersteuningen met grotere overspanningen van de onderslagen worden de onderslagen soms opgelegd op moerbalken (niet zichtbaar in fig. 1.2.3, wordt nader toegelicht in hoofdstuk 2 over ondersteuningsconstructies).
Stelkist
Een verticale bekisting is uit twee zijden opgebouwd. De zijde die als eerste wordt geplaatst, wordt de stelkist genoemd. Deze bekisting wordt in de juiste positie gesteld, zodat de gewenste betonvorm kan worden gerealiseerd. De stelkist is voorzien van schoren om de bekisting te kunnen stellen.
Sluitkist
Nadat de wapening is geplaatst in een verticale bekisting, kan de bekisting worden gesloten. Dit gebeurt met de tweede zijde, de zogenoemde sluitkist. Na plaatsing wordt de sluitkist meestal gekoppeld met centerpennen aan de stelkist.
Voor de onderdelen van een bekisting kunnen verschillende materialen worden toegepast. Denk aan hout, staal, aluminium of kunststof. Deze materialen hebben allemaal verschillende eigenschappen, onder meer ten aanzien van gewicht, stijfheid, sterkte, slijtvastheid, bewerkbaarheid en kosten. Welk materiaal in welke situatie het beste kan worden toegepast, wordt beschreven in hoofdstuk 1.3 ‘Eisen en keuzecriteria’. Meer over de materialen die worden toegepast bij de verschillende typen bekisting staat in hoofdstuk 1.4 ‘Typen bekistingen’.
Traditionele bekisting
Een traditionele bekisting is een eenmalige bekisting die is samengesteld uit traditioneel materiaal, veelal hout (fig. 1.2.4). Soms worden van deze materialen samengestelde schotten gemaakt, die meerdere keren zijn in te zetten.

Paneelbekisting
Een paneelbekisting (ook wel systeembekisting genoemd) is samengesteld uit een combinatie van verschillende standaard elementen (fig. 1.2.5). De afmetingen van die elementen kunnen uiteenlopen: van kleine panelen, die met de hand zijn te verwerken (handzame panelen), tot grote elementen die met de kraan moeten worden verwerkt. In dat laatste geval wordt ook wel van een grootpaneelbekisting gesproken. In dit handboek houden we de term paneelbekisting aan.



Constructief/algemeen
Veiligheid/arbo
1.3.1 Voorbeelden van voorzieningen voor veiligheid/arbo (schoring, ladderopgang, centering en combinatie met eindgevelsteiger
Naast de eisen spelen veel uiteenlopende criteria een rol bij de keuze voor de juiste bekisting. Deze criteria worden hieronder toegelicht, in willekeurige volgorde.
Geometrie en dimensie
De gewenste betonvorm speelt een belangrijke rol bij de keuze van de juiste bekisting.
Voor vlakke of rechtvormige betonconstructies zijn de keuzes en mogelijkheden divers en zijn aanvullende criteria maatgevend om tot een juiste keuze te komen. Hierbij geldt:
Bij organisch gevormde, gekromde, ovale of elipsvormige constructies moet rekening worden gehouden met:
Als er sprake is van schuinstand zijn aanvullende maatregelen belangrijk, bijvoorbeeld:
Ook de hoogte van een betonconstructie is een belangrijk criterium.
Voor een lage storthoogte, bijvoorbeeld bij funderingen, zijn de aandachtspunten vooral gericht op repetitie, inzet, looptijd, kraanafhankelijkheid of handzame uitvoering.
Bij hogere betonconstructies is van belang extra rekening te houden met:
1.3.2 Verschillende bekistingen voor verschillende betonvormen
Esthetiek / afwerking
Belangrijk bij de keuze van de bekisting is de gewenste oppervlakteklasse waaraan de betonconstructie moet voldoen. Hiervoor moeten NEN-EN 13670 en NEN 8670 worden geraadpleegd, waarbij onderscheid wordt gemaakt in de diverse klassen, zoals genoemd in CUR Aanbeveling 100 – Schoonbeton (fig. 1.3.3).

1.3.3 Relatie tussen normatieve documenten met criteria voor het betonoppervlak met positie van de oppervlakteklassen B1, B2 en B9 voor schoonbeton (bron: CROW-CUR Aanbeveling 100)
De eisen ten aanzien van het oppervlak hebben op verschillende manieren invloed op de keuze voor de bekisting:

1.3.4 Voorbeelden van verschillende oppervlaktestructuren van beton met projectspecifieke eisen

1.3.5 Aftekening paneelbekisting (links) en aftekening schroeven in contactbekisting van de panelen (rechts)

1.3.6 Aftekening paneelbekisting (links) en aftekening schroeven in contactbekisting van de panelen (rechts)
Repetitie, inzet, looptijd, economisch
Als er sprake is van een grote repeterende inzet, is het van belang om een degelijke constructie en contactbekistingsplaat toe te passen. Bij een grote repetitie kunnen slimme projectspecifieke oplossingen worden bedacht, waarbij hogere eenmalige kosten moeten worden afgewogen tegen:
Inzet van de bekisting is mede afhankelijk van:
Bij een langere doorlooptijd kan het omslagpunt worden bepaald voor een keuze tussen een projectmatige kist of een (standaard) huurkist.
Afweging
Als alle genoemde criteria zijn beoordeeld, volgt hieruit een economische afweging. Hierbij kan alleen een goed (kosten)vergelijk worden gemaakt als naast de kosten voor de inzet van de bekisting ook de besparing met betrekking tot arbeid (manuren), (voor)montage, aantal en type centerpennen, transport, kraan en/of tijd/planning wordt meegenomen.
Organisatorisch, gebruik
Naast de genoemde criteria gelden nog enkele aandachtspunten vanuit organisatorisch oogpunt:
Er moet daarnaast rekening worden gehouden met hoe en waarvoor de bekisting wordt toegepast:

1.3.7 Er moet rekening worden gehouden met hoe en waarvoor de bekisting wordt toegepast
Duurzaamheid
Ook op het gebied van duurzaamheid kunnen aandachtspunten een rol spelen bij de keuze voor de bekisting. Denk daarbij aan:
Voorgaande criteria zijn vooral toegespitst op verticale bekisting. Bij horizontale bekistingen zijn er aanvullende eisen en/of criteria van belang. Denk aan:
Versie: oktober 2025, gewijzigd juni 2026
In dit hoofdstuk worden veel voorkomende typen bekistingen nader toegelicht, achtereenvolgens poerbekisting, funderingsbalkbekisting, kolombekisting, wandbekisting, balkbekisting en vloerbekisting. Het hoofdstuk pretendeert niet volledig te zijn, maar omschrijft per type bekisting een aantal kenmerken die in overweging moeten worden genomen.Een poer is een betonnen ondersteuning, bedoeld om de verticale afdracht van belastingen uit een constructie over te dragen naar de ondergrond (fundering op staal) of op de paalfundering.
Poeren worden in verschillende vormen en afmetingen uitgevoerd.
De bekisting voor een poer (of serie poeren) wordt niet alleen bepaald door de vorm van de poer, maar vooral ook door de uitvoeringsmethode van bijvoorbeeld de betonvloer die erop wordt aangebracht en de wapening voor de aansluitende balken.
Traditionele bekisting en lichte systemen poerbekistingen
Worden slechts enkele poeren gemaakt, dan worden vaak traditionele poerbekistingen toegepast (fig. 1.4.1) of lichte (verloren) systemen, waarvan verschillende typen in de markt verkrijgbaar zijn. Ronde poeren kunnen ook met polystyreen (PS) worden bekist, dat licht en handzaam is (fig. 1.4.2). Hierbij moet een afweging worden gemaakt tussen kosten, duurzaamheid en besparing op arbeid.

1.4.1 Traditionele poerbekisting

1.4.2 Voorbeeld van een ronde PS-bekisting voor een poer
Paneelbekisting poeren
Afhankelijk van de seriematigheid wordt voor poeren vaak gekozen voor een paneelbekisting (fig. 1.4.3). Daarbij kan weer worden gekozen voor handzame panelen of zwaardere elementen die met de kraan moeten worden omgezet.

1.4.3 Voorbeeld van een paneelbekisting ten behoeve van een kraanpoer
Projectbekisting poeren
Bij grote repetitie kan met projectmatige poerbekistingen worden gewerkt. Hierbij moet een afweging worden gemaakt tussen hogere huur- en/of eenmalige kosten enerzijds en besparing op arbeid anderzijds.
Het kan gaan om een speciaal gemaakte stalen bekisting (fig. 1.4.4). Ze kunnen ook bestaan uit houten schotten, die zijn voorzien zijn van gordingen (fig. 1.4.5).
Bij de detaillering valt te overwegen de betonvorm taps uit te voeren. De bekisting hoeft dan niet te worden losgenomen, maar kan compleet, zonder loshalen en in een hijsbeweging, worden verplaatst.
1.4.4 Voorbeeld van stalen poerbekisting (met stelframe)

1.4.5 Voorbeeld van een projectmatige poerbekisting
Veiligheid poerbekistingen
Bij poerbekistingen moet, net als bij andere bekistingen, rekening worden gehouden met veiligheid. Met name bij lage poerkisten is er een risico op struikel- of valgevaar. Hoge poerkisten worden vaak voorzien van leuningwerk. De algemeen geldende veiligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen.
Een funderingsbalk is dat deel van een gebouw of constructie dat ervoor zorgt dat de belasting wordt overgedragen op de ondergrond of paalconstructie.
Maatvoering is essentieel, net als het goed kunnen stellen van de bekisting. Daarvoor is een draagkrachtige ondergrond nodig, bijvoorbeeld een werkvloer.
Het maken van funderingsbalken kan erg arbeidsintensief zijn, zeker als vanuit de grondslag nog geen vaste maatvoering valt te realiseren. Ook grondwater kan een probleem zijn en bekisting en wapening kan elkaar in de weg zitten.
Verloren en lichte systemen funderingsbalkbekistingen
In de woningbouw wordt de bekisting van funderingsbalken vaak uitgevoerd in polystyreen (PS), dat later als isolatiemateriaal voor de woning fungeert (en dus als ‘verloren bekisting’ kan worden beschouwd) (fig. 1.4.6). Er zijn verschillende andere type lichte systemen in de markt verkrijgbaar. Bij dit type bekisting is geen kraan nodig, dankzij het lage gewicht van de elementen.

1.4.6 Voorbeeld van een verloren balkbekisting met PS
Traditionele funderingsbalkbekisting
Indien een balkbekisting beperkt wordt ingezet, wordt vaak gekozen voor een traditionele manier van bekisten met houten bekistingsschotten. Voordeel is dat deze zijschotten handzaam zijn; er is dus geen kraan nodig. Uitvoering van een traditionele balkbekisting kan op verschillende manieren. Soms worden van deze materialen samengestelde schotten gemaakt, die meerdere keren zijn in te zetten.
Traditioneel worden de zijschotten gekoppeld met houten latten (fig. 1.4.7). Alternatief is een koppeling met stalen balkklemmen, die over de schotten worden geplaatst (fig. 1.4.8). Deze balkklemmen zijn verstelbaar in de breedte en zijn geschikt voor balken tot circa 800 mm hoogte. Nadeel van balkklemmen is dat er veel verschillende uitvoeringen bestaan met verschillende sterktes. Er zijn er bovendien relatief veel van nodig en het eigen gewicht is hoog.

1.4.7 Voorbeeld van een traditionele funderingsbalkbekisting

1.4.8 Funderingsbalkbekisting met stalen klemmen
Paneelbekisting funderingsbalken
Als repetitie mogelijk is, wordt het interessant om andere bekistingskeuzen te overwegen. Vanuit economisch oogpunt en bouwsnelheid kan de keuze gemaakt worden voor een paneelkist (handzaam of kraangebonden) (fig. 1.4.9).

1.4.9 3D-weergave paneelbekisting voor funderingsbalk
Projectbekisting funderingsbalken
Bij een grote mate van repetitie of langdurige inzet kan het interessant zijn om een projectspecifieke balkbekisting in te zetten, waarbij een verlaging van de arbeidsnormering mogelijk is.
Een voorbeeld is een klapkist, met een stalen beugel (fig. 1.4.10). Deze wordt in uitgeklapte stand over de voorgevlochten wapeningskorf geplaatst.
Een ander voorbeeld is een stalen systeem waarbij in de bovenregel verstelmogelijkheden zijn ingebouwd om het ontkisten te vereenvoudigen (fig. 1.4.11).
Deze projectmatige bekistingstypen zijn vaak kraanafhankelijk (alternatief is een zelfrijdende bekisting). Het grote voordeel zit hem met name in de lage arbeidsnorm in combinatie met een korte doorlooptijd.

1.4.10 Principe werking (houten) klapkist (met stalen beugel)

1.4.11 Verstelbare stalen (klap)bekisting bijvoorbeeld voor funderingsbalken
Veiligheid funderingsbalkbekistingen
Ook bij fundatiebalkbekisting moet rekening worden gehouden met veiligheid. Met name bij lage balkbekistingen bestaat er een risico op struikel- of valgevaar. Dat risico is groter dan bij hoge balkbekistingen, die beter zichtbaar zijn. De algemeen geldende veiligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen.
Een kolom is een verticale draagconstructie die krachten uit bovenliggende vloeren, dekken, balken of daken naar de onderliggende constructie of fundering overdraagt. Betonkolommen vind je in veel verschillende soorten bouwwerken. Bij bruggen en viaducten spreek je vaak over pijlers.
Een goed gekozen kolombekisting draagt bij aan een efficiënte bouw, constante betonkwaliteit en een veilige uitvoering op de bouwplaats. Een kolombekisting kan uit verschillende onderdelen en materialen bestaan, afhankelijk van het type kolom, de hoogte, herbruikbaarheid en veiligheidseisen. Mogelijkheden zijn hout, staal, aluminium, kunststof en karton. Ook kan een keuze worden gemaakt uit diverse typen en systemen, zoals paneelbekistingen stalen kolombekistingen of projectbekistingen. De juiste keuze is van vele factoren afhankelijk. Deze keuze hangt af van een aantal praktische en technische factoren:
Zie ook hoofdstuk 1.3 - Eisen en keuzecriteria.
Kenmerken en aandachtspunten kolombekistingen
Voor kolombekistingen gelden enkele algemene aandachtspunten:
Hieronder volgt een overzicht van de verschillende typen kolombekisting.

1.4.12 Kolombekisting met schoren en veiligheidsvoorzieningen, in een kant-en-klaar systeem
Traditionele kolombekisting
Kolombekistingen kunnen in zijn geheel uit traditionele materialen worden opgebouwd, maar in de praktijk komt dit nauwelijks voor. Bij traditionele kolombekistingen kan gebruik worden gemaakt van molenwiekend geplaatste kransen (fig. 1.4.13).

1.4.13 Molenwiekend geplaatste kransen
Paneelbekisting kolommen
Kolombekistingen kunnen worden uitgevoerd als paneelbekisting, een modulair en herbruikbaar bekistingssysteem dat is ontworpen voor het storten van zowel vierkante/rechthoekige als ronde kolommen. De kolombekisting wordt opgebouwd uit standaardpanelen met een contactbekisting van multiplex of kunststof en een frame van staal of aluminium, gecombineerd met hoekstukken en ondersteunende profielen (fig. 1.4.14). Er zijn ook paneelbekistingen waarvan het geheel, dus zowel de contactbekisting als het frame, is gemaakt van hoogwaardig kunststof.
De panelen van een kolombekisting kunnen op verschillende manieren worden samengesteld om kolommen van diverse afmetingen te vormen. Ze kunnen worden geplaatst in een molenwiekverbinding (fig. 1.4.15). De panelen zijn dan voorzien van gaten of uitsparingen.
Bij sommige kolommen wordt de bekisting uitgevoerd met twee grote zijpanelen gecombineerd met traditionele kopschotten aan de uiteinden (fig. 1.4.16).
Sommige bekistingen worden geleverd als een kant-en-klaar systeem, inclusief schotten, hoeken, koppelmateriaal, ondersteunende profielen, stelschoren, hijsvoorzieningen en veiligheidsvoorzieningen (fig. 1.4.12). Dit versnelt montage en demontage. Dergelijke systemen zijn stapsgewijs instelbaar en kunnen als één element worden verplaatst.
1.4.14 Voorbeelden van paneelbekistingen voor kolommen
1.4.15 Molenwiekend geplaatste panelen voor een kolom
1.4.16 Rechthoekige kolombekisting met panelen en kopschotten
1.4.17 Voorbeeld van een speciaal paneelbekistingssysteem, bestaande uit een frame met een losse contactbekisting, zonder centeringen, onder meer geschikt voor schoonwerk
Stalen kolombekisting
Een stalen kolombekisting is een bekistingssysteem dat volledig is opgebouwd uit stalen onderdelen, dus stalen contactbekisting (plaat van meestal 4-5 mm), gordingen en dragers (fig. 1.4.18). Vaak zijn dragers en gordingen in één vlak geïntegreerd.
Stalen kolombekistingen kunnen worden ingezet voor rechthoekige, vierkante en ronde kolommen met uiteenlopende afmetingen en hoogtes. Stalen kolombekistingen zijn stevig en maatvast, waardoor ze geschikt zijn voor hoge kolommen, grote betonspeciedrukken en projecten met meerdere repetities.
Meestal worden ze speciaal ontworpen en vervaardigd voor een specifiek bouwproject. Maar vooral in de utiliteitsbouw zijn ze ook als standaardsysteem verkrijgbaar.
Vierkante en rechthoekige kolommen worden in de meeste gevallen in twee hoeken uitgevoerd, waarbij de buitenste hoeken worden verbonden. Ook ronde stalen kolombekistingen worden meestal uit twee helften samengesteld.
1.4.18 Voorbeelden van stalen bekistingen
Projectbekisting kolommen
Een projectbekisting is een speciaal voor een project vervaardigde bekisting die is samengesteld uit diverse systeemonderdelen. De bekisting wordt volledig afgestemd op de afmetingen, vormen en bijzondere eisen van de kolommen van het betreffende project (fig. 1.4.19). De opbouw is afhankelijk van de kolomafmetingen en -vorm, de repetitie en de betonspeciedruk. Veiligheidsvoorzieningen zoals stortbordessen, ladders en trappen met leuning kunnen worden geïntegreerd in de projectbekisting. Deze voorzieningen zorgen voor veilige toegang en ondersteuning tijdens het storten van het beton.
1.4.19 Projectbekisting voor kolommen (links) en een projectbekisting voor een bijzondere vorm (rechts)
De opgebouwde schotten kunnen molenwiekend worden geplaatst en kunnen bij elkaar worden gehouden door kolomkransen of beugels. In de kolomkransen bevinden zich vaak gaten die zorgen voor verstelbaarheid. Deze kransen zijn overigens alleen toepasbaar voor kleinere kolommen vanwege optredende betonspeciedruk. Vaak worden ze toegepast met drukplaatjes om een te hoge oplegdrukspanning (krans-drager) te voorkomen.
Met een projectbekisting kunnen rechthoekige, ronde en ovale kolommen worden gerealiseerd. Bij ronde vormen kan gebruik worden gemaakt van een ronde binnenkist in een rechthoekige buitenkist (fig. 1.4.20).
1.4.20 Voorbeeld van een projectbekisting voor een ovale kolom, opgebouwd met een traditionele vulkist. De buitenkist zou ook een paneelbekisting kunnen zijn
Kartonnen kolombekisting
Kolombekistingen kunnen ook worden gemaakt van karton. Kartonnen kolombekistingen zijn eenmalig te gebruiken bekistingselementen, die kunnen worden toegepast voor het storten van ronde of vierkante kolommen. Ze zijn arbovriendelijk, licht van gewicht en eenvoudig te plaatsen.
De bekisting bestaat uit een watervaste spiraalgewikkelde kartonbuis die aan de binnenzijde kan zijn voorzien van een gladde, waterafstotende coatinglaag (voor een glad oppervlak) of een vulling voor het realiseren van vierkante bekistingen (fig. 1.4.21). De diameter van de kolomkist is veelal gemaximeerd tot 1200 mm.
1.4.21 Kartonnen kolombekistingen; links zonder afwerking aan de binnenzijde (spiraalvorm zichtbaar), in het midden een afwerking met een coating en rechts een vulling voor een vierkante kolom
Na het uitharden van het beton wordt de bekisting verwijderd door deze voorzichtig open te snijden of af te pellen of te ritsen. Er zijn diverse voorzieningen beschikbaar om kolommen af te schoren.
Voor kartonnen kolombekistingen gelden enkele specifieke aandachtspunten
Veiligheid kolombekisgingen
Bij het ontwerp van kolombekistingen moet rekening worden gehouden met veiligheid in elke fase, waarbij het risico op vallen moet worden vermeden. De juiste veiligheidsvoorzieningen zijn daarom essentieel.
Rond de bekisting moet een goed beveiligde werkruimte aanwezig zijn, in de vorm van een stortbordes. Bij hoge kolommen kan een tussenbordes aan de buitenzijde nodig zijn en moet er speciale aandacht zijn voor het verdichten. Daarbij moet zoveel mogelijk worden voorkomen dat er activiteiten binnen de kolom plaatsvinden.
Stortbordessen moeten zijn voorzien van een leuning en op een veilige manier kunnen worden betreden via bijvoorbeeld een kooiladder. In sommige gevallen kan voor het storten gebruik worden gemaakt van een aparte stortsteiger of hoogwerker. Ook die moeten worden voorzien van een goede valbeveiliging, ze moeten veilig toegankelijk zijn en deugdelijk worden gestabiliseerd.
Zorg ook voor voldoende veiligheid tijdens het hijsen en transport van de bekisting en voor een goede bereikbaarheid van de hijspunten.
Voor het storten van wanden in het werk, worden wandbekistingen toegepast. Een wandbekisting bestaat in grote lijnen uit gordingen, dragers en contactbekisting (fig. 1.4.22). Ze is uit twee zijden opgebouwd: de stelkist en de sluitkist. Als eerste wordt de stelkist geplaatst, die wordt gestabiliseerd met een schoor. Nadat de wapening is aangebracht volgt de sluitkist. Het geheel wordt bij elkaar gehouden door een centerpenconstructie (zie hoofdstuk 1.6 Overzicht centerpenconstructies).
1.4.22 Schematische weergave traditionele wandbekisting (links) en paneelbekisting (rechts), inclusief onderdelen
Omdat wanden zo’n belangrijke rol hebben in de planning van een project, wordt veel aandacht besteed aan het ontwikkelen van innovatieve en efficiënte bekistingssystemen, waarmee het proces kan worden geoptimaliseerd.
Er kan een keuze worden gemaakt uit diverse typen en systemen: traditionele wandbekistingen, paneelbekistingen (zowel handzaam als kraangebonden), stalen wandbekistingen of projectbekistingen. De keuze is van vele factoren afhankelijk (zie hoofdstuk 1.3 Eisen en criteria).
Dit hoofdstuk pretendeert niet volledig te zijn, maar omschrijft per type bekisting een aantal kenmerken die in overweging moeten worden genomen. Gebruikte benamingen van onderdelen kunnen regionaal of per bedrijf anders zijn.
Kenmerken en aandachtspunten wandbekistingen
Voor wandbekistingen gelden enkele algemene aandachtpunten:
In dit hoofdstuk volgt een overzicht van de verschillende typen wandbekisting. Deze typen zijn ook door elkaar te gebruiken.
Traditionele wandbekisting
Een traditionele wandbekisting is een eenmalige bekisting die is samengesteld uit traditioneel materiaal, veelal hout. Ze wordt opgebouwd uit een contactbekisting van deelhout, panelen of multiplex, ondersteund door dragers (baddinghout) en houten of stalen gordingen (fig. 1.4.23). De richting van de dragers en gordingen kan worden gevarieerd.
Met de opkomst van moderne systeembekistingen wordt traditionele wandbekisting minder vaak toegepast, maar het blijft een waardevolle oplossing in specifieke situaties.
1.4.23 Traditionele wandbekisting (bron: Betonhuis)
Paneelbekisting wanden
Een paneelbekisting is een bekisting die is samengesteld uit een combinatie van verschillende standaard elementen, die met elkaar worden gekoppeld. Paneelbekistingen kunnen bestaan uit een frame dat zorgt voor sterkte en stabiliteit (staal, aluminium of kunststof), zijn voorzien van een bekistingsplaat (multiplex, kunststof of staal) en per element een aantal centerpengaten.
De afmetingen van de elementen lopen uiteen. In hoofdlijnen is onderscheid te maken tussen handzame panelen en kraangebonden panelen.
Handzame panelen (fig. 1.4.24) zijn kleine, lichte panelen waarmee een complete bekisting wordt samengesteld. De panelen zijn er in verschillende maten en kunnen eenvoudig met de hand worden geplaatst (max. 50 kg voor twee personen of 25 kg voor één persoon). Ze worden vooral gebruikt in situaties waar handmatige verwerking nodig is (zonder kraan), flexibiliteit vereist is (bijvoorbeeld bij wisselende afmetingen) en beperkte ruimte beschikbaar is. Denk aan funderingen en andere constructies met een beperkte hoogte.
1.4.24 Voorbeelden handzame paneelbekisting, links voor een wand onder een gestorte vloer (pompaansluiting zichtbaar), rechts met hoekoplossing
Kraangebonden panelen zijn grotere, zwaardere panelen, die doorgaans met een kraan worden geplaatst. Ook deze kunnen variëren in hoogte en breedte (fig. 1.4.25). De panelen worden, al dan niet in combinatie met paspanelen en hoekpanelen (binnen- en buitenhoeken), samengesteld tot een complete bekisting.
Kraangebonden paneelbekistingen staan ook wel bekend als groot(vlak)paneelbekisting. In dit handboek houden we verder de overkoepelende term paneelbekisting aan.
In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij woningbouw, zijn de bekistingen vooraf opgebouwd tot één geheel, inclusief veiligheids- en stabiliteitsvoorzieningen (zie kader ‘Woningbouwbekisting’).
1.4.25 Voorbeelden van een kraangebonden paneelbekisting
Toepassingen paneelbekisting wanden
Elk paneelsysteem heeft zijn eigen toepassingsgebied, bepaald door factoren zoals bouwmethode, oppervlakte-eisen, afmetingen, toleranties, vervormingsgedrag en het aantal centerpennen. Met paneelbekisting kunnen verschillende betonvormen worden gemaakt, afhankelijk van het type paneel en de flexibiliteit van het systeem. Daarbij kunnen aanvullende eisen worden gesteld op het gebied van stijfheid, vlakheid, naadvorming en een minimale inzet van centerpennen. Voor bijzondere betonvormen kan er ook een combinatie worden gemaakt van paneelbekisting met vulkisten. Over specifieke toepassingen van wandbekistingen in de woningbouw staat meer in het kader ‘Woningbouwbekisting’.
Aandachtspunten paneelbekisting wanden
Bij paneelbekistingen gelden enkele aandachtspunten:
1.4.26 Beëindiging van een wand met kopschotten
Woningbouwbekisting
In de woningbouw wordt voor de wandbekisting vaak gesproken van woningbouwbekisting (fig. 1.4.27). Dit kunnen kraangebonden paneelbekistingen zijn of stalen bekistingen. De afmetingen zijn daarbij afgestemd op de afmetingen (lengte en hoogte) van de woningscheidende wand. Woningbouwbekistingen worden geleverd als totaalpakket, inclusief veiligheidsvoorzieningen (stortbordessen met leuningen en een ladderopgang). Het aantal en de positie van de centeringen zijn geoptimaliseerd.
1.4.27 Woningbouwbekisting uit panelen (links) en een stalen woningbouwbekisting (rechts)
Stalen wandbekisting
Een wandbekisting kan volledig uit staal bestaan: een bekisting die met een stalen frame met stalen contactbekisting is samengesteld tot één geheel, in de gewenste lengte en hoogte (fig. 1.4.28). Ze kunnen een hoge bekistingsdruk opnemen en het aantal centerpennen is beperkt. De bekistingen zijn door middel van opzetstukken te verhogen. Ook de lengtes kunnen binnen een project worden aangepast.
Stalen wandbekistingen zijn veelal onderdeel van een compleet bekistingssysteem, voorzien van een vast stortbordes incl. hekwerk, schoprand en ladders. Ze zijn stabiel tijdens het plaatsen en ze zijn voorzien van steljukken, waarmee ze op hoogte zijn te brengen en te lood zijn te stellen.
Kopschotten en voorzieningen om sparingen of leidingen aan te brengen, zijn vooraf voorgeprogrammeerd of kunnen met magneten worden bevestigd.
Stalen wandbekistingen zijn zwaarder dan paneelbekistingen. Voor het hijsen is geen evenaar nodig.
1.4.28 Stalen wandbekisting
Toepassingen stalen wandbekistingen
Stalen bekistingen zijn vooral inzetbaar bij grote projecten met veel repetitie en waar hoge eisen worden gesteld aan de oppervlaktekwaliteit. Ze worden vooral ingezet in de woning- en utiliteitsbouw, waarbij de afmetingen worden afgestemd op de afmetingen (lengte en hoogte) van de wand. Maar ook in infra worden ze gebruikt, vooral als er sprake is van een hoge repetitie.
In de woning- en utiliteitsbouw wordt de hoogte gebaseerd op de verdiepingshoogtes. In de hoogte bevinden zich daarbij twee centeringen die vanaf vloerniveau zijn te bereiken. In de lengte bevinden deze zich doorgaans op een h.o.h.-afstand van 1200 mm.
Aandachtspunten stalen wandbekistingen
Gebruik van stalen wandbekistingen vraagt een intensieve voorbereiding, bijvoorbeeld voor het programmeren van de sparingen en instortvoorzieningen.
Projectbekisting voor wanden
Een projectbekisting is een bekisting die speciaal voor één bouwproject wordt vervaardigd. Een projectbekisting wordt samengesteld met systeemonderdelen (bijvoorbeeld H20 of GT24) en handelsprofielen. Deze elementen kunnen worden gehuurd/gekocht bij verschillende leveranciers gespecialiseerd in bekistingen. Uitwisseling van ervaringen met de uitvoering en bekistingleveranciers en bekistingsdeskundigen leidt vaak tot bijzondere oplossingen.
De bekisting voor de wanden kan worden gecombineerd met een dekbekisting, bijvoorbeeld bij projectbekistingen voor tunnels.
Het ontwerpen van projectbekistingen vergt veel deskundigheid en vraagt om intensieve communicatie met andere betrokkenen. De bekisting is volledig afgestemd op de uitvoeringsmethode en moet dus in overeenstemming zijn met de details van het begin tot het einde van het betonwerk.
Figuur 1.4.29 en 1.4.30 tonen voorbeelden van een projectbekisting.
1.4.29 Voorbeeld van een projectbekisting uit systeemmateriaal
1.4.30 Voorbeeld van een stalen projectbekisting
Veiligheid wanbekistingen
Bij het ontwerp van wandbekistingen moet rekening worden gehouden met veiligheid in elke fase, waarbij ook aandacht moet worden besteed aan onvoorziene situaties. Voor de veiligheid is een goede voorbereiding essentieel, onder meer door het maken van deugdelijke berekeningen en tekeningen en door de juiste keuze van samenstelling en passende onderdelen die geschikt zijn voor de toepassing. Een goede en duidelijke werkbeschrijving in een werkinstructie is nodig.
Het gaat hierbij veelal om logische zaken en ‘open deuren’. De aandacht voor veiligheid en de daarbij horende ontwikkelingen gaan wel steeds verder. Steeds meer bekistingleveranciers leveren goed doorontwikkelde veiligheidssystemen om zo veilig met wandbekistingen te kunnen werken.
Hieronder volgt een niet-uitputtende opsomming van specifieke aandachtspunten die in het ontwerp en de uitvoering van de bekisting moeten zijn meegenomen.
1.4.31 Stortbordes aan bovenzijde wandbekisting
1.4.32 Eind(kop)gevelsteiger
1.4.33 Parkeerjuk met ruimte om schoon te maken
Speciale toepassingen wandbekistingen
Wandbekistingen kunnen worden ingezet voor speciale toepassingen, zoals voor kernen, enkelzijdige toepassing of gebogen wanden. Deze worden hieronder afzonderlijk toegelicht.
Kernbekisting
Een kernbekisting is een bekisting die specifiek wordt ontworpen voor het storten van een kern (lift, trappenhuis) of andere verticale schachten in een gebouw (fig. 1.4.34). Het is vaak een belangrijk onderdeel in de te kiezen bouwmethodiek in relatie tot de planning. De keuze van de basisvorm van de kernbekisting is afhankelijk van verschillende factoren, zoals de geometrie van het gebouw, de specifieke behoeften en de gewenste esthetische eigenschappen.
Kernbekistingen worden vaak gecombineerd met enkele specifieke onderdelen: hoekstukken, passtukken, stelschoren en/of terugrijdwagens. Een gerichte keuze is de inzet van ontkistingshoeken (fig. 1.4.35). Dit zijn elementen die kunnen worden samengetrokken en weer in positie worden gebracht, zonder dat hiervoor de kernbekisting moet worden gedemonteerd. Hierdoor kan er sneller en efficiënter worden ontkist en bekist.
Vaak wordt een kernbekisting op een hefvlonder geplaatst, voor het creëren van een werkruimte (fig. 1.4.36). Naast de hoofdvlonder kan er optioneel een naloopvlonder worden toegepast (-1). Voor repeterend gebruik is een verplaatsbare hefvlonder (schachtvlonder) ontwikkeld. Deze is meestal opgebouwd uit enkele gekoppelde, dubbele staalprofielen, waaroverheen een houten vloer is aangebracht. De staalprofielen zijn aan de einden voorzien van kantelbare opleggingen of klapschoenen, die steun vinden in vooraf gemaakte sparingen in de schachtwand of op een oplegging van hoeklijnen.
Het is soms mogelijk om de bekisting met schachtvlonder in één beweging te verplaatsen naar de volgende verdieping. Dit kan zowel met de kraan of hydraulisch. Ook kan de volledige binnenkist in één hijsbeweging worden gehesen met een viersprong.
Vaak worden kernbekistingen gecombineerd met een klimsteiger aan de buitenzijde. Op dit laatste wordt in dit hoofdstuk niet nader ingegaan; hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 4.2 Klimbekisting.
1.4.34 Voorbeeld van een kernbekisting
1.4.35 Schematische weergave van verschillende oplossingen van een binnenbekisting met ontkistingshoeken bij kernen
1.4.36 Hefvloer onder binnenbekisting
Enkelzijdige wandbekisting
Als een wandbekisting, in welk type dan ook, slechts aan één zijde van een betonwand kan worden aangebracht, wordt deze uitgevoerd als enkelzijdige bekisting. Het toepassen van een dubbelzijdige centering is dan niet mogelijk. Dit is bijvoorbeeld het geval bij kelders, damwanden, keerwanden of betonnen constructies tegen bestaande muren. Maar ook bij een randbekisting van hoge betonpoeren, hoge vloeren of bij dammen/sluizen.
Bij damwanden en bestaand betonwerk kan gebruik worden gemaakt van aangelaste of ingeboorde centerpenvoorzieningen. Is dit niet mogelijk, dan is een aparte achterconstructie nodig in de vorm van schoorbokken (ook wel steunbokken genoemd) (fig. 1.4.37) of jukken (fig. 1.4.38). Deze schoorbokken kan men met speciale koppelstukken koppelen aan de bekisting. Dit zorgt voor een stevige verbinding. Daarnaast moeten de schoorbokken worden verankerd aan vooraf ingestorte ankers in de ondergrond (betonvloer, fundering) (fig. 1.4.39 en 1.4.40).
Er moet aandacht worden besteed aan bevestigingen in het eerder gestorte betondeel en het drukpunt op de vloer. Het beton moet de betreffende belastingen kunnen opnemen (fig. 1.4.40).
1.4.37 Enkelzijdige wandbekisting met schoorbok
1.4.38 Samengestelde jukconstructie
1.4.39 Voorbeeld van verankering van een juk of schoorbok in de vloer
1.4.40 Verankering van een schoorbok zorgt voor diverse krachten op de betonconstructie
Gebogen wandbekisting
Gebogen wandbekistingen worden gebruikt voor het storten van gebogen of cirkelvormige betonnen wanden. Gebogen betonwanden komen voor bij onder andere rioolwaterzuiveringen, opslagtanks, brugpijlers en af en toe ook bij kernwanden in de utiliteitsbouw.
Afhankelijk van de eisen aan het betonoppervlak kan worden gekozen voor bekistingssystemen die de toegestane tolerantie benaderen met een veelhoek of die een zuiver gebogen oppervlak opleveren (fig. 1.4.41).
1.4.41 Horizontale doorsnede gebogen bekisting met horizontale scheggen
Gebogen wandbekistingen kunnen traditioneel worden uitgevoerd, of als paneelbekisting of projectbekisting (fig. 1.4.42). Bij een projectbekisting is de investering vaak groter maar kunnen de manuren per inzet minimaal zijn. Uiteraard moet worden beoordeeld of in het project voldoende repetitie te realiseren valt om de hogere kosten van de bekisting te rechtvaardigen.
1.4.42 Voorbeelden van gebogen bekistingen
Een betonnen balk of ligger is een constructie-element waarvan de lengte vele malen groter is dan de breedte en hoogte. Betonnen balken die ter plaatse worden gestort, hebben doorgaans een rechthoekige doorsnede.
Voor de bekisting van balken worden in het algemeen twee situaties onderscheiden. In de eerste situatie is de balk onderdeel van de vloer en vormen de balk- en vloerbekisting één geheel (gecombineerde bekisting) (fig. 1.4.43). De balk en vloer worden dan gelijktijdig gestort.
In de tweede situatie wordt de balkconstructie voorafgaand aan de vloer gestort, waarna vloer in prefab of in het werk gestort wordt aangebracht. Voor de balk wordt daarbij een aparte bekisting gebruikt (fig. 1.4.44).
Een balkbekisting kan bestaan uit onderslagen, kinderbinten en een verticale en horizontale contactbekisting. De ondersteuningsconstructie vormt bij balkbekistingen een integraal onderdeel van de gehele bekistingsconstructie en wordt daarom in dit hoofdstuk meegenomen.
Voor balken zijn ook oplossingen met combinaties met prefab vloersystemen. Daarop wordt in dit hoofdstuk niet ingegaan.

1.4.43 Balkbekisting gecombineerd met een vloerbekisting

1.4.44 Balkbekisting (paneelbekisting)
Kenmerken en aandachtspunten balkbekistingen
Voor een balkbekisting gelden enkele aandachtpunten.

1.4.45 Balkbekisting ondersteund door een systeemtoren
1.4.46 Balkbekisting met werkruimte rondom de bekisting
Traditionele balkbekisting
Balkbekistingen kunnen op een traditionele manier worden uitgevoerd, met traditioneel materiaal, veelal hout. Soms worden van deze materialen samengestelde schotten gemaakt, die meerdere keren zijn in te zetten.. Uitvoering van een traditionele balkbekisting kan op verschillende manieren. Extra aandacht is nodig bij toepassing van een randbekisting waarop een vloer constructief is opgelegd in verband met extra belastingen in meerdere richtingen.
Paneelbekisting balken
Om de hoeveelheid arbeid bij het monteren van een balkbekisting te beperken kan een paneelbekisting worden ingezet, die is samengesteld uit een combinatie van verschillende standaard elementen (fig. 1.4.44).
Het opnemen van de betonspeciedruk kan op verschillende manieren: traditioneel, met jukken (fig. 1.4.47), balkklemmen onder en boven de balkbekisting (fig. 1.4.48) of met centerpennen (fig. 1.4.49).
Worden voor de vloer ook paneelbekistingen toegepast, dan vormt de balkbekisting een integraal onderdeel van de vloerbekisting.

1.4.47 Voorbeelden van jukken voor de opname van betonspeciedruk

1.4.48 Balkklem, inclusief afstandhouder

1.4.49 Balkbekisting met centering bovenlangs
Stalen balkbekisting en -projectbekistingen
Bij grote repetitie of langdurige inzet wordt sporadisch gebruikgemaakt van stalen bekistingen of een speciaal voor het project vervaardigde projectbekisting. In de woning- en utiliteitsbouw komt dat doorgaans niet voor.
Randbalkbekisting
Als de vloer en de balk tegelijk worden gestort, kan aan het uiteinde van de vloer een randbalkbekisting worden gebruikt. De buitenbekisting van de randbalk vormt tevens de beëindiging van het vloerveld. De binnenbekisting van de randbalk is hierbij ook een onderdeel van de vloerbekisting (fig. 1.4.50). Een (verzwaarde) randkist kan ook dienen als oplegpunt voor de breedplaat/vloerbekisting.
De horizontale betonspeciedruk wordt via de randbalkbekisting opgenomen door de vloerbekisting. De buitenbekisting kan als enkelzijdige bekisting fungeren, waarbij aandacht voor afschoren nodig is.

1.4.50 Randbalkbekisting met binnen en buitenkist
Ondersteuning balkbekistingen
Belangrijk uitgangspunt bij de ondersteuning van een randbalkbekisting is dat deze zodanig wordt ontworpen en gemonteerd dat een veilige situatie ontstaat met voldoende werkruimte. Voor de ondersteuningsconstructie moet aandacht worden besteed aan de manier van het wegnemen van de bekisting (ontkisten), zonder dat de ondersteuningsconstructie moet worden verwijderd. Dit omdat op het moment van ontkisten de sterkte van het beton vaak nog onvoldoende is.
Als ondersteuning van een balkbekisting zijn vele systemen mogelijk. De voorkeur hebben systemen die in twee richtingen stabiliteit bieden. Daarom worden meestal ondersteuningssteigers in combinatie met een console toegepast (fig. 1.4.51, links). De ondersteuningssteiger wordt vaak via trekschoren tegen domp beveiligd. Een alternatief is een ondersteuningssteiger die op uitkragende balken vanaf de onderliggende vloer wordt geplaatst (fig. 1.4.51, rechts).

1.4.51 Ondersteuningssteiger bij een randbalk (met console en trekschoor) (links). Alternatief is een ondersteuning op een uitkragende balk vanaf de onderliggende vloer (rechts)
Veiligheid balkbekistingen
Natuurlijk moet ook bij balkbekistingen rekening worden gehouden met veiligheid. Zo moet het risico op vallen worden vermeden, bijvoorbeeld door het aanbrengen van leuningen en voldoende werkruimte (fig. 1.4.15). Dit geldt helemaal als er wordt gewerkt op hoogte en aan de buitenkant van een bouwwerk.
De algemeen geldende veiligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen. Ook de Richtlijn Bekistingen en Ondersteuningen biedt nuttige informatie.
Er is een grote diversiteit aan manieren waarop betonvloeren kunnen worden gerealiseerd. Voorkomende bouwmethoden zijn:
De keuze voor de methode is onder meer afhankelijk van bouwplanning, kosten, overspanning en toepassing (woningbouw, utiliteitsbouw, industriebouw, civiele bouw).
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de in het werk gestorte vloeren en de verschillende bekistingen.
Vloerbekistingen hebben veel ontwikkelingen doorgemaakt, vanwege wensen met betrekking tot vormgeving, efficiëntie, arbeid, flexibiliteit en veiligheid. Dit heeft geleid tot een diversiteit aan mogelijkheden zoals traditionele vloerbekisting, tafelbekisting en vloerbekistingssystemen met of zonder valkop. De keuze tussen de systemen wordt beïnvloed door factoren zoals constructieve eisen, projectomvang, bouwsnelheid, repetitie, hoogte, veiligheid, plattegrond (incl. afwijkingen) en afstemming met aansluitende wanden. Totale kosten spelen daarbij vanzelfsprekend een grote rol. Ook moet rekening worden gehouden met bijzondere situaties zoals gewichtsbesparende elementen. In de civiele bouw wordt vaak gesproken over dekken en zijn vloeren vaak zo massief dat de bekisting ondergeschikt is aan de ondersteuningsconstructie.
Zodra het bekistingssysteem is vastgesteld, moet een keuze worden gemaakt in de benodigde hoeveelheid bekisting en ondersteuningsmateriaal, inzetduur, doorstempelplan en stempelafstanden, toepassing van krimp- en dilatatiestroken, in te storten voorzieningen en routing van de wapening.
In dit hoofdstuk volgt een overzicht van de verschillende typen vloerbekisting. Op de ondersteuning wordt alleen ingegaan als die onderdeel is van de vloerbekisting. Voor meer informatie over ondersteuningsconstructies wordt verwezen naar hoofdstuk 2.
Het hoofdstuk pretendeert niet volledig te zijn, maar omschrijft per type bekisting een aantal kenmerken die in overweging moeten worden genomen. Gebruikte benamingen van onderdelen kunnen regionaal of per bedrijf anders zijn.
Aandachtspunten
Traditionele vloerbekisting
Een traditionele vloerbekisting is een eenmalige bekisting die is samengesteld uit traditionele materialen, veelal hout. Deze bestaat uit onderslagen en kinderbinten/dragers en een contactbekisting (fig. 1.4.52). Dit geheel wordt geplaatst op een ondersteuningsconstructie.
Traditionele vloerbekistingen worden veel toegepast bij complexe vormen en/of kleinschalige bouwprojecten.

Schroefstempels
Vloerbekistingen en breedplaatvloeren worden vaak ondersteund door schroefstempels. Deze worden doorgaans als losse ondersteuning toegepast, maar kunnen ook deel uitmaken van een samengestelde ondersteuningsconstructie. Stempels verschillen in lengte, draagvermogen en wijze van hoogteverstelling.
De grove instelling wordt uitgevoerd door de binnenbuis uit te schuiven en een draagpen door een van de gaten in de binnenbuis te steken, doorgaans met een onderlinge afstand van 100 tot 150 mm.
Met de fijne verstelling, via een schroefmof of stelring, wordt de stempel exact op hoogte gesteld. De schroefmof wordt tevens gebruikt om de bekisting bij het ontkisten gecontroleerd te laten zakken.
Bij het gebruik van schroefstempels komen in de praktijk veel uitvoeringsfouten voor. Daarom volgt hier een aantal aandachtspunten en richtlijnen.

1.4.53 Schroefstempels met stabiliteitsframe

1.4.54 Stempels met stempelstatief (op de foto onder breedplaatvloeren). Let op: dit is een stelhulp, geen vervanger voor een stabiliteitsverband
Tafelbekisting
Een tafelbekisting is een vloerbekistingssysteem dat bestaat uit een relatief groot paneel ondersteund door schroefstempels gecombineerd met schoorverbanden of met ondersteuningstorens (fig. 1.4.55). De vloerbekisting bestaat uit onderslagen en kinderbinten, waarop de contactbekisting is gemonteerd.
Tafels kunnen diverse afmetingen hebben, zowel in breedte als in lengte en worden voorzien van een omloopsteiger, zodat veilig werken op hoogte tijdens betonstorten en afwerking mogelijk is. Ze zijn ideaal voor grote vloervelden met meerdere inzetten en vooral geschikt voor grootschalige projecten. Bij het systeem zijn minder handelingen nodig waardoor de bouwtijd kan worden verkort.

1.4.55 Tafelbekisting
Tafelbekistingen zijn vooral geschikt voor grote en gelijkmatige vloeroppervlakken. Breedte, hoogte en diepte zijn te verstellen, waardoor het systeem in de gewenste vorm kan worden aangepast. De afmetingen worden bepaald door betonafmetingen, routing en bouwsnelheid, gewenste repetitie, kraancapaciteit en windgevoeligheid bij transport.
Ter plaatse van de rand worden randtafels toegepast (inclusief omloopsteiger met leuningen). Hierdoor ontstaat een veilige werksituatie ter plaatse van de vloerranden.
Om horizontale ruimte voor het ontkisten te hebben, worden regelmatig passtroken toegepast tussen twee tafels.
De tafels worden veelal met de kraan op de gewenste positie gebracht. Hierbij moet rekening worden gehouden met voldoende ruimte rondom de bouwplaats en de juiste bouwplaatsveiligheid. Voor het verrijden van de tafelbekisting kan gebruik worden gemaakt van een tafelwagen (kar op wielen, fig. 1.4.56). Door deze tafelwagen uit te draaien neemt deze het gewicht van de bekisting over van de stempels.
Er zijn verschillende ontkistingsmethoden om de tafel onder de vloer vandaan te halen en/of te transporteren (fig. 1.4.57):

1.4.56 Tafelwagen

1.4.57 Toepassing van een tafelbekisting
Tafelhaak
Een tafelhaak is een vakwerkconstructie die onder het tafelblad wordt geschoven (fig. 1.5.58). Hiermee kan de tafel veilig en beheerst worden verplaatst. De haak is zo ontworpen en afgesteld dat hij zowel met als zonder tafel horizontaal hangt. Bij gebruik van een tafelhaak zijn geen voorzieningen nodig voor het uitrijden van de bekisting. Soms moet de kantleuning plaatselijk tijdelijk worden verplaatst om de haak te kunnen inschuiven. Door het gewicht van de tafelhaak kan een zwaardere kraan nodig zijn.
Viersprong
Een viersprong is een hulpmiddel voor het hijsen, bestaande uit vier hijskabels die aan vier hijspunten aan de tafel worden bevestigd (fig. 1.4.55). Deze kabels komen in één punt samen.
Het is de eenvoudigste, maar minst veilige methode voor het verplaatsen van een tafelbekisting. Er zijn voorzieningen nodig om dit veilig te kunnen doen.
Het plaatsen van de tafel op een gestorte vloer is eenvoudig, maar om de tafels te verwijderen moeten ze eerst onder de gestorte vloer worden uitgereden om de kabels te kunnen bevestigen. Voor het uitrijden is op de onderliggende verdieping een uitrijdsteiger nodig. Deze uitrijdsteiger kan ook worden gebruikt voor het naar buiten en naar binnen brengen van ander materiaal.
Evenwichtstakel
Als een evenwichtstakel of compensatiecilinder wordt gebruikt, is geen uitrijdsteiger nodig (fig. 1.4.57). Het is een hijshulpmiddel dat wordt gebruikt om de aangebrachte stroppen te kunnen verlengen of verkorten en daarmee de tafel horizontaal te houden als het aangrijpingspunt wordt verplaatst. De voorste stroppen van de evenwichtstakel worden bevestigd aan de tafelbekisting die daartoe een eindje is uitgereden. Vervolgens rijdt de steiger verder naar buiten, totdat de volgende stroppen voorbij het zwaartepunt van de tafel kunnen worden aangeslagen. De eerste stroppen worden verlengd, zodat de kraanhaak recht boven het zwaartepunt van de tafel hangt. Daarna kan de tafel in zijn geheel naar buiten.
Lift
Een alternatief voor het verplaatsen met een kraan is het gebruikmaken van een specifiek daarvoor bestemde bouwlift (tafellift, fig. 1.4.59).

1.4.59 Lift voor het verplaatsen van tafelbekistingen
Paneelbekistingen
Voor vloerbekistingen kunnen panelen worden toegepast, bestaande uit een frame met contactbekisting (fig. 1.4.60). De panelen zijn in verschillende afmetingen verkrijgbaar en worden ondersteund door stempels. Afhankelijk van het systeem worden deze gecombineerd met een valkopsysteem voor vroegtijdige ontkisting of met een vaste stempelkop.

1.4.60 Paneelbekisting voor vloeren
Valkopsystemen
Een valkopsysteem is een stempelsysteem waarbij panelen en dragers kunnen worden verwijderd, terwijl de stempels blijven staan. Elke stempel is bovenaan voorzien van een valkop (kraag), waarop de dragers en/of panelen rusten (fig. 1.4.61). Door het verwijderen van een wig of borging zakt de valkop gecontroleerd, waardoor de dragers en/of panelen vrijkomen, terwijl de stempels blijven staan en hun dragende functie behouden (fig. 1.4.62). Hierdoor kan een groot deel van het materieel worden verwijderd voordat het beton voldoende sterkte heeft bereikt. Het (her)stempelplan moet worden afgestemd met de constructeur van de betonconstructie.
Valkopsystemen worden meestal toegepast in combinatie met systeempanelen – al dan niet met systeemliggers –, maar kunnen ook worden gebruikt in systemen met alleen dragers, zoals bij breedplaatvloeren.

1.4.61 Principe valkop

1.4.62 Paneelbekisting met valkop
Paneelbekisting met vaste stempelkop (zonder valkop)
Een vloerbekistingssysteem kan ook met een vaste stempelkop worden uitgevoerd, waarbij de panelen en/of dragers op de stempels rusten zonder valkop (fig. 1.4.63). Elke stempel is uitgerust met een vaste stempelkop waarop de dragers en/of bekistingspanelen rusten. Als panelen vroegtijdig worden ontkist, moet bij het verwijderen van de bekisting direct worden herstempeld. Dit moet worden afgestemd met de constructeur van de betonconstructie.

1.4.63 Paneelbekisting met vaste stempelkop
Doorstempelen
De belasting uit een vloer (het gewicht van de te storten vloer, vermeerderd met de nuttige stortbelasting en het eigen gewicht van de bekisting) moet worden opgenomen door de onderliggende vloer. Die belasting kan flink oplopen en is over het algemeen hoger dan de ontwerpbelasting waarop die onderliggende vloer is berekend. Bovendien heeft de dragende vloer op het moment waarop hij wordt belast zijn eindsterkte nog niet bereikt. Daardoor zal de belasting over meer verdiepingen moeten worden verdeeld. Hiervoor wordt de vloer ‘doorgestempeld’ (fig. 1.4.64).

1.4.64 Doorstempelen van vloeren
De stempels die daarvoor worden gebruikt, moeten zodanig worden geplaatst dat de onderliggende vloer op de juiste wijze wordt belast. Het is niet altijd nodig om alle stempels te laten staan. Wel moeten ze verticaal gezien min of meer recht onder elkaar staan. Wanneer dit niet het geval is, ontstaan ontoelaatbare krachten op de tussenliggende vloeren.
De hoofdconstructeur moet aangeven hoeveel ondersteuning een vloer in een bepaalde fase nodig heeft.
Om ervoor te zorgen dat de belasting niet te hoog oploopt, moeten de stempels, zodra de vloer sterk genoeg is, worden losgedraaid en weer vastgedraaid. Dit heet ook wel herstempelen of schrikken. Met dit herstempelen wordt ervoor gezorgd dat de vloer zijn eigen belasting gaat dragen en dus zelfdragend wordt. Gebeurt dit niet dan blijft alle belasting op de onderliggende vloer rusten. Dan ontstaat een opstapeling van vloeren. Het totale gewicht op de onderste vloer is dan zo groot, dat de stempels kunnen bezwijken. Dit is een van de meest voorkomende fouten bij doorstempeling.
Bij de doorstempeling moet ook rekening worden gehouden met het fenomeen ‘kruip’, ofwel doorgaande vervorming van het beton onder belasting, ook al heeft het beton de vereiste druksterkte bereikt.
Hiervoor kunnen kruipstempels nodig zijn. Deze kunnen worden gecombineerd met doorstempels. Het zijn de stempels die als laatste worden verwijderd.
Meer informatie over doorstempelen staat in het studierapport A06 - Doorstempeling vloeren.
Vloerrandbekisting
Aan het uiteinde van de vloer moet voor de beëindiging van het beton een randbekisting worden aangebracht (fig. 1.4.65). Deze randbekisting kan worden uitgevoerd met bekistingspanelen of traditioneel.
Let hierbij op de krachten die het gestorte beton op de randbekisting uitoefent. Die moeten door de randbekisting en de ondersteuningsconstructie van de vloer kunnen worden opgenomen.

1.4.65 Vloerrandbekisting met panelen
Civiele sector
Vloerrandbekistingen in de civiele bouw vragen speciale aandacht. Hier zijn de vloeren namelijk vaak dikker, waardoor rekening moet worden gehouden met betonspeciedruk. Die kan worden opgevangen door de bekisting uitwendig te schoren (denk hierbij aan opdrijven van de bekisting), door centerpennen onderling te verbinden of door centerpennen aan de wapening vast te lassen. Dat laatste is vaak niet toegestaan. Er kan ook een hulpstaaf worden toegepast.
Extra aandacht moet uitgaan naar de plaatsnauwkeurigheid. Als de randbekisting wordt gebruikt om in te storten ankers of wapeningsstekken te bevestigen en te maatvoeren, moet veel aandacht worden besteed aan het voorkomen van verplaatsingen tijdens het storten.
Een bijzondere uitvoering van een randbekisting bij civiel werk is de dilatatiebekisting (een bekisting ter plaatse van een dilatatie) (fig. 1.4.66). Eerst wordt het onderste deel van de randbekisting geplaatst, waarop het voegprofiel op de juiste hoogte wordt gesteld. Daarna wordt het deel boven het profiel aangebracht. In dit soort situaties wordt vaak ook in de onderliggende werkvloer een dilatatie aangebracht.

1.4.66 Randbekisting met dilatatieprofiel (ook dilatatie in de werkvloer)
Veiligheid
Bij het ontwerp van vloerbekistingen moet rekening worden gehouden met veiligheid. Daarbij gelden de volgende aandachtspunten:
Versie: 2015
Als contactbekisting wordt de beplating bedoeld die in direct contact komt met de betonspecie die naderhand het betonoppervlak vormt. Contactbekistingen kunnen bestaan uit de volgende materialen:
Bij de keuze voor een bepaalde contactbekisting zijn in eerste instantie de eisen aan het betonoppervlak bepalend. Maar er zijn meer aspecten die een keuze beïnvloeden. Op basis van de te storten onderdelen zijn de volgende factoren van invloed:
Bij alle genoemde factoren is het van belang van de juiste materiaaleigenschappen uit te gaan onder condities die overeenkomen met bouwplaatsomstandigheden. Ook al wordt aan productnormen voldaan, toch zal moeten worden beoordeeld of de bouwplaatsomstandigheden, zoals felle zon, vrieskou of vochtigheidsgraad, invloed hebben op de karakteristieke eigenschappen waarmee gerekend wordt en die tot het vervormingsgedrag leiden. Vooral vochtigheidsgraad en vermoeiing zijn aspecten om rekening mee te houden.
Voor algemene materiaaleigenschappen wordt verwezen naar de vele normen die NEN daarover uitgeeft.
Er zijn vele bekistingsplaten in de handel. Het is de kunst juist die plaat te vinden die aan alle bovengenoemde eisen en randvoorwaarden voldoet en ook in het budget past. Een plaat die wel in het budget past maar niet aan de eisen voldoet, kan achteraf heel veel geld kosten.
Contactbekisting uit betonmultiplex
Betonmultiplex is een van de meest toegepaste plaatmaterialen voor de contactbekisting van een bekistingsconstructie. Juist doordat het bepalend is voor de oppervlaktekwaliteit van betonwerk, zijn er vele onderzoeken verricht om de kwaliteitsaspecten te omschrijven die van belang zijn voor de toepassing als bekistingsmateriaal. De diversiteit in kwaliteiten is groot en de vaststelling is moeilijk. Het gegeven dat hout als natuurproduct onderhevig is aan ruime toleranties, gevoelig is voor extreme warmte, extreme kou of vochtigheid en de productie in heel de wereld plaatsheeft, maakt dat wij slechts achteraf kunnen controleren. Van invloed is daarbij tevens dat de keuze van beplating meer op basis van prijs dan van kwaliteit geschiedt.
Aangezien de gekozen beplating in belangrijke mate maatgevend is voor de kwaliteit van het betonoppervlak, zou keuze op basis van kwaliteitsaspecten moeten plaatshebben. Maar omdat het gedrag van een beplating van vele factoren afhankelijk is, volgt onderstaand een overzicht van keuzeaspecten en kenmerken van betonmultiplex, toegepast als bekistingsmateriaal.
Keuzeaspecten
Gegevens om tot een juiste keuze van een betonmultiplex te komen (zie ook onder materialen):
De beplating is een essentieel onderdeel van het ‘gereedschap’ van de uitvoerder. Daarom zouden criteria die door de uitvoering worden gesteld, doorslaggevend voor de keuze moeten zijn. Met relatief ‘slecht’ materiaal is het moeilijk kwaliteit af te leveren. Met materiaal dat verkeerd wordt behandeld of toegepast, kan nauwelijks de vereiste kwaliteit worden bereikt.
Het gedrag van beplating
Betonmultiplex bestaat altijd uit een oneven aantal fineerlagen. De aanduiding van een plaat begint met de gebruikte houtsoort, de kwaliteitsklasse van de beste zijde van de plaat en de lengte- en breedteafmetingen. Als afmetingen wordt eerst de lengtemaat genoemd. Dit is de maat evenwijdig aan de vezelrichting van de buitenste fineerlagen.
Het is van belang dat de ondersteuning van de beplating loodrecht op deze vezelrichting loopt. De plaat vertoont dan het geringste vervormingsgedrag, enerzijds doordat de E-modulus het hoogst is, anderzijds doordat op deze manier de plaat het minst last van vermoeiing heeft en het minst gevoelig is voor afname van sterkte-eigenschappen door vocht. Vermoeiing is een van de belangrijkste veroorzakers van afwijkend vervormingsgedrag en ontstaat door langdurige belasting, frequent belasten (bijvoorbeeld elke dag storten) en een hoge vochtigheidsgraad.
Ontwerpers van bekistingen moeten zich rekenschap geven van het feit dat meestal mechanische waarden worden opgegeven die bij laboratoriumomstandigheden zijn verkregen en dus bij circa 5% vochtigheid.
Aanbrengen beplating
Platen betonmultiplex worden in wandbekistingen bevestigd, maar bij vloerbekistingen vaak los-vast op de bekistingsdragers aangebracht.
Vooral bij wandbekisting moet rekening worden gehouden met diktetoleranties (geen plustolerantie naast een mintolerantie). Bij vloeren wordt rekening gehouden met afwijkingen van haaksheid. Hierop wordt geselecteerd tijdens het aanbrengen.
Aangezien de belasting bij wandbekisting vele malen groter is dan bij vloerbekisting, is de ondersteuningsrichting van belang en het verschil in vervorming tussen eindveld en tussenveld.
1.5.1a Vezelrichting buitenste fineerlaag versus ondersteuningsrichting
1.5.1b Multiplexplaat op bekistingsdragers
Gebruiksaanbevelingen
Om tot een goed resultaat te komen is niet alleen de keuze van belang, maar ook de behandeling.
Enkele aanbevelingen:
Versie: 2015
Algemeen
Om de betonspeciedruk te kunnen opnemen worden verticale bekistingsschotten met elkaar verbonden door middel van centerpennen. Er zijn vele uitvoeringen mogelijk, maar de keuze wordt bepaald door het type bekisting, de belasting op de centerpennen en de betontechnische eisen die aan de verbinding worden gesteld.
Doordat de verbinding bij elke inzet arbeidstijd vergt, zijn er ingenieuze systemen ontstaan, elk met specifieke kenmerken voor de verschillende inzetsituaties. In figuur 1.6.1 zijn de principes van de verschillende oplossingen aangegeven.
1.6.1 Overzicht centerpenconstructies
De toepassing van hoogwaardig materiaal heeft geleid tot drie verschillende staafuitvoeringen.
Qua toepassing kunnen centerpenconstructies als volgt worden onderscheiden.
Centerpenconstructies met terugwinbare staven
Om centerpennen na het storten te kunnen verwijderen, worden buisvormige afstandhouders toegepast die in het beton achterblijven. Uitzondering zijn de conische afstandhouders van pvc die in de gietbouw worden gebruikt en ook terugwinbaar zijn. Afstandhouders kunnen zijn gemaakt van pvc, beton of staal. De meeste afstandhouders zijn voorzien van eenvoudige pvc-conussen die na het ontkisten worden verwijderd en een goede afwerking van het betonwerk mogelijk maken. De afdichting van stalen en betonnen afstandhouders kan zodanig worden uitgevoerd dat sprake is van een waterdichte oplossing, geschikt voor een door de lleverancier opgegeven waterdruk.